Luchtdicht bouwen, de stille kracht achter energiezuinige gebouwen
Een gebouw dat tochtvrij en energiezuinig is, voelt direct comfortabeler aan. Minder koudeval, geen onnodig energieverlies en een binnenklimaat dat stabiel blijft, ongeacht het seizoen. Toch schuilt achter dat comfort meer techniek dan men op het eerste gezicht vermoedt. Luchtdicht bouwen is niet simpelweg het dichten van kieren en naden, het is een doordachte balans tussen luchtdoorlatendheid, damptransport en warmtehuishouding.
Bij Bloem Sealants weten we dat luchtdichtheid de stille kracht is achter een goed presterend gebouw. Het vormt de verbindende schakel tussen thermische isolatie, vochtbeheersing en energie-efficiëntie. Maar om te begrijpen waarom luchtdicht bouwen zo essentieel is, moeten we eerst kijken naar wat er binnenin een constructie gebeurt. Hoe lucht, damp en warmte zich verplaatsen, en waarom dat van levensbelang is voor de duurzaamheid van onze gebouwen.
Houtskeletbouw
Lees hier meer luchtdicht bouwen in houtskeletbouw
Traditionele bouw
Lees hier meer luchtdicht bouwen in traditionele bouw
Vliesgevelconstructies
Lees hier meer luchtdicht bouwen in vliesgevelconstructies
De fysica uitgelegd
Alle richtlijnen en berekeningen uitgelegd voor luchtdicht bouwen
Luchtdicht bouwen
Thermische isolatie is alleen effectief met luchtdichtheid
Thermische isolatie is de basis van energiezuinig bouwen. Toch kan de beste isolatie zijn werk niet doen wanneer lucht ongecontroleerd door de constructie kan stromen. Een klein luchtlek lijkt onschuldig, maar vormt in werkelijkheid een directe snelweg voor warmteverlies.
Wanneer warme binnenlucht via een kier of voeg naar buiten lekt, koelt ze onderweg af. De afgekoelde lucht kan op die plek vocht afzetten, condens, met schade aan materialen, schimmels en warmteverlies tot gevolg.
In de NTA 8800:2024, die de bepalingsmethode vormt voor de energieprestatie van gebouwen, is luchtdichtheid expliciet opgenomen als een factor in de energieprestatieberekening (EP-waarde). Een luchtdichte schil beperkt het transmissieverlies (de ‘Qv10-waarde’) en maakt het mogelijk om de energiebehoefte drastisch te verlagen.
Een goed geïsoleerd gebouw zonder luchtdichtheid is als een dikke jas met open rits. Het materiaal is aanwezig, maar de werking is tenietgedaan. Pas wanneer isolatie en luchtdichtheid hand in hand gaan, ontstaat een échte thermische barrière.
Damptransport, de onzichtbare beweging in elke wand
Naast lucht en warmte beweegt ook waterdamp door de gebouwschil. Dit proces, dampdiffusie, is onzichtbaar, maar van grote invloed op de levensduur van materialen. De natuur wil alles nivelleren, zo ook waterdamp. Waterdamp zoekt altijd evenwicht en zal zich daarbij van een plaats met hoge dampdruk (binnen) naar lage dampdruk (buiten). Vocht- en damptransport kan optreden volgens twee processen, dampdiffusie en capillair vochttransport, waarbij:
- Dampdiffusie is een langzaam proces waarbij vocht in gasvorm door de poriën van materialen trekt.
- Capillair transport treedt op bij hogere vochtgehaltes, waarbij water zich in vloeibare vorm door fijne poriën verplaatst.
Voor de meeste bouwmaterialen, zoals beton, metselwerk en isolatie, is dampdiffusie het dominante proces. De mate waarin een materiaal dampdoorlatend is, wordt uitgedrukt in het dampdiffusieweerstandsgetal μ. Hoe hoger deze waarde, hoe moeilijker damp zich door het materiaal verplaatst. Een correcte opbouw van de constructie is hierbij essentieel, waarbij de stelregel is dat de binnenzijde dampremmend moet zijn, terwijl de buitenzijde dampopen moet blijven. Zo kan eventueel vocht dat binnendringt, weer gecontroleerd uitdrogen naar buiten toe. Wanneer dit evenwicht verstoord wordt, ontstaat het risico op inwendige condensatie.
Wanneer warmte vocht wordt
Inwendige condensatie treedt op wanneer de temperatuur in een constructie lokaal onder het dauwpunt zakt. Dat betekent dat de aanwezige waterdamp geen gas meer kan blijven en condenseert tot vloeibaar water.
De methode van Glaser biedt hierbij een praktische manier om dit verschijnsel te voorspellen. Door het temperatuur- en dampdrukverloop over de dikte van een constructie te berekenen, kan worden bepaald waar condensatie optreedt, hoeveel vocht daar neerslaat en of het in de zomer weer kan verdampen. In zijn eenvoud is de Glaser-methode een onmisbaar hulpmiddel. Ze toont aan dat luchtdichtheid wel degelijk een bijdrage levert, het voorkomen dat warme, vochtige binnenlucht via convectie in koude lagen van de constructie dringt, waar condensatie kan optreden.
Een luchtlek in een dampremmende laag is in dat opzicht veel schadelijker dan een iets hogere diffusiewaarde. Want waar dampdiffusie langzaam verloopt, transporteert convectie grote hoeveelheden vocht in korte tijd, tot wel honderd keer sneller! Luchtdichtheid is dus niet alleen een kwestie van energie besparen, maar ook van vochthuishouding en materiaalbehoud.
De bouwfysica van luchtdicht bouwen
De kracht van luchtdicht bouwen ligt in de integratie van disciplines. Bouwfysica, materiaaltechnologie en uitvoering komen hier samen. In de praktijk betekent dit dat elk detail zorgvuldig ontworpen en uitgevoerd moet worden.
Bij Bloem Sealants hanteren we hiervoor de principes uit BRL 2804, de beoordelingsrichtlijn voor KOMO-gecertificeerde afdichtingsproducten voor luchtdicht bouwen. Deze norm stelt eisen aan luchtdichtheid, dampdoorlatendheid, hechting, bestendigheid tegen veroudering en thermische wisselingen. Producten moeten bovendien bestand zijn tegen mechanische belasting, UV-straling en verplaatsing van bouwdelen.
Een luchtdicht systeem is altijd zo sterk als zijn zwakste schakel. Daarom is het cruciaal om het juiste product voor de juiste toepassing te kiezen, en een doorlopende luchtdichte laag zonder onderbrekingen te bewerkstelligen. Daarbij geldt een belangrijke nuance, luchtdicht is niet dampdicht. Waar luchtdichtheid ongecontroleerde luchtstromen voorkomt, moet damptransport gecontroleerd mogelijk blijven. Een volledig dampdichte constructie zou het vocht juist insluiten, met schimmel, houtrot en loslatende pleisters tot gevolg.
Luchtdicht bouwen en energieprestatie
De energietransitie vraagt om gebouwen die steeds minder energie verbruiken. Luchtdicht bouwen is een van de meest kostenefficiënte manieren om dat te bereiken. In de NTA 8800 wordt de luchtdoorlatendheid van een gebouw uitgedrukt in de zogeheten qv10-waarde. Dit is de hoeveelheid lucht die per seconde ontsnapt bij een drukverschil van 10 Pascal, gedeeld door het vloeroppervlak. Hoe lager deze waarde, hoe beter de luchtdichtheid.
Voor nieuwbouwwoningen schrijft de regelgeving doorgaans een qv10 van maximaal 0,4 dm³/s.m² voor, maar bij passiefhuizen wordt gestreefd naar waarden tot 0,15 of zelfs 0,10 dm³/s.m². Dat is enkel haalbaar met een systematische benadering van luchtdichtheid, van ontwerp tot oplevering.
Luchtdichtheid draagt niet alleen bij aan energie-efficiëntie, maar ook aan akoestisch comfort en brandveiligheid. Een luchtdichte schil beperkt geluidsoverdracht tussen ruimten en vertraagt de verspreiding van rook bij brand.
Damptransport en luchtdichtheid in balans
Een van de grootste uitdagingen in luchtdicht bouwen is het vinden van de juiste balans tussen luchtdichtheid en dampdoorlatendheid. Te luchtdicht zonder ventilatie leidt tot slechte luchtkwaliteit, te dampdicht leidt tot vochtproblemen.
Daarom is het essentieel om luchtdichtheid altijd te zien als onderdeel van een totaalconcept, waarbij isolatie, ventilatie en damptransport altijd samenwerken.
In moderne bouwsystemen wordt dit gerealiseerd met slimme folies en membranen die dampvariabel zijn. Dit houdt in dat ze in de winter minder vocht doorlaten (dampremmend) en in de zomer juist meer (dampopen). Zo wordt het risico op inwendige condensatie sterk verminderd, terwijl de constructie kan ademen. De producten die Bloem Sealants aanbiedt binnen haar assortiment Luchtdicht bouwen, sluiten hier naadloos op aan. Ze combineren hoge luchtdichtheid met gecontroleerde dampdoorlaat, waardoor de gebouwschil optimaal functioneert binnen de principes van passief en BENG-bouwen.
Bijna-energieneutraal bouwen (BENG) en passief bouwen
Nederlandse gebouwen moeten sinds 2021 voldoen aan de BENG-eisen. BENG staat voor Bijna Energie Neutrale Gebouwen. Deze eisen worden, zoals beschreven in NTA 8800, bepaald door drie indicatoren:
- Energiebehoefte
- Fossiel energiegebruik
- Aandeel hernieuwbare energie
Luchtdicht bouwen is onlosmakelijk verbonden met de eerste twee indicatoren. Een goed luchtdichte gebouwschil voorkomt dat warmte verloren gaat via ongewenste luchtstromen. Hierdoor is minder verwarming nodig, kan de warmtepomp efficiënter werken en wordt de energiebehoefte drastisch gereduceerd.
In passiefhuizen is luchtdichtheid nog belangrijker. Daar wordt de energievraag zó laag dat het gebouw in principe kan worden verwarmd met de restwarmte van bewoners en elektrische apparaten. Om dat te bereiken, moeten luchtlekken vrijwel volledig worden geëlimineerd.
Passief bouwen stelt eisen aan de qv10-waarde, de thermische schil (Rc > 6,0 m²K/W) en gecontroleerde ventilatie met warmteterugwinning (WTW). Bloem Sealants biedt afdichtingssystemen die binnen deze kaders presteren, getest volgens BRL 2804 en de Europese normen EN 1026 en EN 1027 voor luchtdoorlatendheid en slagregendichtheid.
De rol van de Glaser-methode in ontwerp en uitvoering
De methode van Glaser vormt nog altijd de basis voor de hygrische beoordeling van bouwconstructies. Het hygroscopisch gedrag bepaalt het vochtgehalte van een materiaal. Hoewel de methode gebaseerd is op stationaire condities, dus geen luchtstromen en constante materiaaleigenschappen, biedt ze waardevolle inzichten in het risico op condensatie. In de praktijk wordt de Glaser-berekening gebruikt om te controleren of de hoeveelheid condens die zich in de winter vormt, in de zomer weer volledig kan verdampen. Zo niet, dan moet de opbouw van de constructie of de dampremmende laag worden aangepast. De theorie is nu helder: hoe beter de luchtdichtheid, hoe voorspelbaarder en beheersbaarder het vochtgedrag.
Detaillering en uitvoering: waar luchtdicht bouwen werkelijkheid wordt
De theorie van luchtdicht bouwen is overtuigend, maar het succes ligt in de uitvoering. Een enkele vergeten voeg, een niet-afgeplakte doorvoer of een slecht aansluitend kozijn kan de volledige luchtdichtheid van een gebouw ondermijnen. Daarom is uitvoering met zorg en precisie van levensbelang. De BRL 2804 benadrukt dat producten niet alleen getest moeten zijn, maar ook juist moeten worden verwerkt. Bloem Sealants kan u perfect adviseren en begeleiden bij zowel de detaillering als de uitvoering. Het zijn deze details, die het verschil maken tussen een gebouw dat voldoet aan de norm en een gebouw dat toekomstbestendig is.
Advies nodig voor uw project?
Onze experts denken graag met u mee over de juiste toepassing in uw ontwerp of bouwproject. Wij kunnen ook adviseren bij andere technische en/of toepassingsvragen.
Neem contact met ons op via het contactformulier of telefonisch via +31 (0)70 329 66 01.






